Vlaamse Ecologie Energie Milieu Onderneming

CorrespondentieadresHoge Weg 157, 2940 Hoevenen
Maatschappelijke zetelAmsterdamstraat 18, 2000 Antwerpen
T. 03 206 02 20 |

De investeringen in Europese windenergie zijn vorig jaar met bijna een tiende toegenomen. In totaal staken investeerders ruim 51 miljard euro in windenergie. Daarmee zijn windmolens goed voor de helft van alle investeringen in de Europese energiesector, stelt brancheorganisatie WindEurope.

Volgens de belangenclub is de interesse in windenergie toegenomen omdat investeerders de sector minder risicovol vinden. Door technologische ontwikkelingen en meer concurrentie zijn windmolenparken goedkoper geworden, waardoor rendement makkelijker te behalen is.

Vlaanderen heeft haar subdoelstellingen voor zonne- en windenergie in 2017 overschreden. Zo realiseerde Vlaanderen vorig jaar 204 MW aan windenergie en (volgens voorlopige cijfers) 177 MW aan zonne-energie, terwijl voor beiden 150 MW was vooropgesteld. Dat heeft Vlaams minister van Energie Bart Tommelein (Open Vld) woensdag in het Vlaams Parlement geantwoord op een vraag van N-VA-parlementslid Andries Gryffroy. 

Met die cijfers in de hand kan Tommelein zijn criticasters de mond snoeren. "Er zijn er die pessimistisch waren en die mij te optimistisch noemden. Maar alle negativisme en defaitisme ten spijt hebben we in 2017 de subdoelstellingen overschreden", aldus Tommelein. 

In 2017 werd in Europa een record van 15,7 GW bijkomende windenergie capaciteit gebouwd. Dat blijkt uit de jaarcijfers van WindEurope, de Europese windenergieorganisatie waartoe ook de Vlaamse Windenergie Associatie VWEA behoort. 

Het aantal nieuwe windparken ligt twintig procent hoger dan wat in 2016 werd gebouwd en overschrijdt daarmee ook het vorige record van 2015, dat op 12,8 GW lag. De windcapaciteit op land groeide met 12,6 GW en op zee met 3,1 GW. Zeven EU-lidstaten telden een recordjaar in nieuwe windenergie-installaties: Duitsland (6,6 GW), het Verenigd Koninkrijk (4,3 GW), Frankrijk (1,7 GW), Finland (577 MW), België (476 MW), Ierland (426 MW) en Kroatië (147 MW). 

Vleemo zorgde voor acht nieuwe windturbines in 2017, goed voor een bijkomend vermogen van 24 MW. Ook partnerbedrijf Wind aan de Stroom deed een duit in het zakje met vier nieuwe turbines, goed voor een vermogen van 12 MW.

In 2017 maakte Europa voor het eerst meer elektriciteit uit hernieuwbare energie dan uit steen- of bruinkool. Duitsland en Groot-Brittannië zijn de grote motor achter de stijging.

In 2017 leverden wind- en zonne-energie en biomassa voor het eerst meer energie dan steen- en bruinkool samen, blijkt uit de analyse van de denktanks Sandbag en Agora Energiewende. De productie van die ‘nieuwe hernieuwbare bronnen’, die pas sinds 2000 aan een sterke opmars bezig zijn, groeide vorig jaar met maar liefst 12 procent.

Sinds 2010 is het aandeel van wind, zon en biomassa meer dan verdubbeld. Maar door de sterke daling van waterkracht steeg het aandeel van alle hernieuwbare energiebronnen samen maar met 0,2 procent, van 29,8 naar 30 procent.

2017 was een boerenjaar voor de windmolensector, blijkt uit (voorlopige) cijfers van Elia. Het waaide veel meer dan in 2016 en er kwamen ook windmolens bij. Dat maakt dat er vorig jaar 2,8 TWh (1 miljard KWh) elektriciteit geproduceerd werd op zee, de windmolens op land waren goed voor 2,6 TWh. Dat is een stijging met 19,5 procent (zee) en 17,8 procent (land) ten opzichte van 2016.

Zonne-energie deed het minder goed: de productie daalde met 1,3 procent naar 2,9 TWh. Maar alle hernieuwbare energiebronnen (zon, wind en biomassa) zijn nu samen wel goed voor 1,5 TWh, of 14,1 procent van het verbruik in 2017.