Vlaamse Ecologie Energie Milieu Onderneming

Amsterdamstraat 18, 2000 Antwerpen
T. 03 206 02 20 |

De dertien Google-datacentra en Google-kantoren in 150 steden zullen vanaf volgend jaar volledig aangedreven worden door hernieuwbare energie, al gebeurt dat wel via een omweg. De internetgigant noemt de overstap een "mijlpaal" en zegt op termijn ook open te staan voor kernenergie.

Google is nu al de grootste aankoper van duurzame energie. Vorig jaar kocht het bedrijf 44 procent van zijn elektriciteit aan bij wind- en zonneboerderijen. Dat wordt nu opgetrokken tot 100 procent.

Goedkoopste oplossing

Volgens Marc Oman, hoofd van het Europees energiebeleid bij Google is hernieuwbare energie momenteel de goedkoopste oplossing. De voorbije jaren zag Google de kosten voor wind- en zonne-energie met respectievelijk 60 en 80 procent dalen. "Onze oprichters geloven dat de klimaatverandering een echte, onmiddellijke bedreiging vormt, dus we moeten ons deel doen," zegt hij.

De prijzen van wind- en zonne-energie waren de goedkoopste opties om het doel van 100 procent te behalen tegen 2017, aldus Oman. Daarnaast wil het bedrijf nu tienjarige overeenkomsten afsluiten voor koolstofarme stroom, bijvoorbeeld afkomstig van waterkrachtcentrales, biomassacentrales en kernenergie.

Oman erkent wel dat kernenergie controversieel is. De zorgen om veiligheid zijn veel "dramatischer" dan hernieuwbare energie en de prijs is "veel moeilijker te garanderen" dan in het geval van zonnepanelen en windturbines, merkt hij op. Een nucleaire overeenkomst zou pas een optie zijn als die voldoet aan hun voorwaarden van een voordelig tarief, veiligheid, een netto positief verschil en een voldoende nabijgelegen elektriciteitsnetwerk. "Vandaag kunnen we niet zeggen dat er nucleaire projecten zijn die voldoen aan deze criteria," merkt hij op.

Duurzaam via omweg

Op lange termijn wil Google voltijds draaien op schone CO2-vrije energie. Dat is nu echter alleen nog maar mogelijk via een omweg.

Google werkt met aankoopovereenkomsten, waarmee het duurzame energie aankoopt van wind- of zonneboerderijen. Die energie verkoopt het bedrijf door aan het elektriciteitsnetwerk aan een groothandelsprijs. De hoeveelheid duurzame energie die Google op die manier aankoopt, komt overeen met het totale energieverbruik van alle operaties. In ruil krijgt Google duurzame-energiecertificaten die het gebruikt voor de niet-hernieuwbare stroom waarvan het bedrijf op sommige locaties nog gebruik maakt.

Technologiebedrijven zijn verantwoordelijk voor ongeveer 2 procent van de totale uitstoot van broeikasgassen, daarin lopen ze ongeveer gelijk met de luchtvaart.

 

Installaties voor groene energie kunnen voortaan overal in Vlaanderen worden ingeplant. Dat is een van de gevolgen van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. "Hernieuwbare energie zal voortaan in elke bestemmingscategorie mogelijk zijn, al gaan we natuurlijk geen windmolen zetten in het Zwin", zegt energieminister Bart Tommelein.

Momenteel zijn er heel wat beperkingen voor de inplanting van hernieuwbare energie. Zo mogen zonnepanelen niet in agrarisch gebied worden geplaatst en kunnen er geen windmolens worden opgetrokken in groengebied. Na de uitvoer van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen vallen al die restricties weg, al zal er voor elk project natuurlijk wel een omgevingsvergunning moeten worden afgeleverd. Daarin wordt per project afgewogen of de inplanting geen hinder oplevert.

"Het potentieel voor hernieuwbare energie wordt hiermee enorm verruimd", zegt Tommelein. De klaverbladen op snelwegen zijn bijvoorbeeld vaak als natuur of bos ingekleurd. Daardoor mag er geen windmolen worden gebouwd, hoewel net die plaats vaak uitermate geschikt is. "Dit biedt ook kansen aan de groene beweging om op hun eigen terreinen meer groene energie te realiseren", besluit de minister.

De Vlaamse Windenergie Associatie VWEA verwelkomt de resultaten van het nieuwe onderzoek door VEA, dat het draagvlak voor windenergie in Vlaanderen bevestigt. De VWEA leden leveren zelf, ter bevordering van het lokale draagvlak, heel wat inspanningen inzake correcte informatie voor omwonenden en bieden ook diverse vormen van participatie aan.

Windenergie is één van de belangrijkste bronnen van elektriciteitsproductie bij de uitbouw van een eigen meer energie-onafhankelijk en duurzaam Vlaanderen. VWEA apprecieert het dat de Vlaamse regering doelbewust en positief inzet op windenergie in het kader van de energie-omslag en kijkt uit naar het Windplan 2020. Uit het meest recente onderzoek(1) van het Vlaams Energieagentschap blijkt dat het draagvlak voor windenergie in Vlaanderen ook zeer ruim is. Daarom is het cruciaal dat lokale besturen dit mee uitdragen.

Correcte informatie voor omwonenden windenergieprojecten

“Uit eerder onderzoek blijkt dat informatie de hoeksteen voor een lokaal draagvlak van windenergieprojecten is”, aldus VWEA directeur Bart Bode. “Omwonenden hebben vooral nood aan correcte informatie over het project in hun buurt.” De VWEA leden leveren hier heel veel inspanningen rond.

Naast informatie is er ook de vraag tot participatie. De VWEA leden besteden vandaag reeds bijzonder veel zorg aan informatie en bieden ook met succes verschillende formules van participatie aan. In de toekomst geven zij hier verder prioriteit aan om zo bij te dragen tot het lokaal draagvlak.

Meer steun van lokale besturen voor beslist Vlaams windenergiebeleid

Naast de eigen inspanningen om de omwonenden te informeren, roept VWEA beleidsverantwoordelijken op alle niveaus - en in het bijzonder lokale mandatarissen - op om het Vlaams beleid inzake windenergie mee te vertalen in de versterking van een lokaal draagvlak.

Uit een bevraging van VWEA bij haar leden bleek dat in de periode 2010 tot medio 2015, lokale besturen het vaakst beroepsprocedures opstarten tegen afgeleverde bouwvergunningen. De sector rekent in de toekomst op een correcte en verantwoordelijke houding van lokale besturen om hun burgers op objectieve wijze te informeren over het Vlaams windbeleid en zo het lokaal draagvlak maximaal te versterken. “We waarderen enorm dat de Vlaamse regering voluit inzet op windenergie. Daarom is het belangrijk dat die positieve ingesteldheid ook op lokaal niveau uitgedragen wordt,” zegt Bart Bode.

(1) Bekijk de resultaten van het meest recente onderzoek hier.

Op 4 november treedt het klimaatakkoord van Parijs in werking. Als we de doelstellingen van 2030 met Vlaanderen willen halen, moeten taboes sneuvelen. Dat zal iedereen voelen. De Tijd zocht uit waar we het diepst moeten snijden. Vandaag: energie. De wereldwijde klimaatafspraken luiden het einde van de fossiele brandstoffen in. Hoe snel dat zal gebeuren, is moeilijk te voorspellen. Maar groene energie wordt razendsnel goedkoper.

Applaus en euforie vorig jaar in Parijs toen bijna 200 landen een historisch klimaatakkoord tekenden. Dat werd gezien als de laatste kans om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen. Tegen 2100 moet de temperatuurstijging beperkt blijven tot 2 graden, met 1,5 graden als streefdoel. Om dat te bereiken moet de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 beperkt worden. Door de economische groei in China en in andere ontwikkelingslanden zal de uitstoot de komende jaren nog stijgen. Maar er is afgesproken dat die zo snel mogelijk moet pieken om dan stevig te dalen.

Hoe we dat klaarspelen, is nog niet duidelijk. Alle deelnemende landen hebben concrete plannen voorgelegd voor de periode tot 2020 en ambities geformuleerd voor 2030. Europa wil als voortrekker binnen zo'n 15 jaar de emissies met minstens 40 procent reduceren ten opzichte van 1990 en het wil tegen 2050 nog veel verder gaan. Er werden tal van andere streefcijfers, subdoelstellingen voor groene energie, energiebesparingen met verschillende termijnen en toepassingsgebieden vastgeklikt. Enkel wat cabinettards en Europese ambtenaren zien door de bomen het bos nog.

Voor ons land zijn de doelstellingen voor na 2020 nog niet concreet vastgelegd. Het is echter stilaan voor iedereen duidelijk waar we naartoe moeten: naar een economie die op steeds minder fossiele brandstoffen draait. Energie is het domein waar het meest aan gewerkt moet worden.

Goed bezig

België lijkt goed bezig als we naar een aantal evoluties in de elektriciteitsproductie kijken. De laatste steenkoolcentrale werd dit jaar gesloten, er worden elke maand wel ergens windturbines bijgebouwd, we pompen miljarden in windparken op zee en in elke Vlaamse straat liggen zonnepanelen op de daken.

Maar als we dat in perspectief plaatsen, blijken die zaken slechts goed voor zo'n 13 procent van het stroomverbruik. Landen als Oostenrijk en Zweden halen zo'n twee derde van hun stroom uit groene bronnen, dankzij de grote aanwezigheid van waterkracht en biomassa.

Het wordt een uitdaging om de doelstellingen te halen, ook die van 2020. Dat komt onder andere omdat biomassa in het verdomhoekje werd gezet. Na het project Bee Gent gaat mogelijk ook Langerlo niet door en beide grote centrales zouden flink wat groene stroom opleveren. Er zijn veel extra zonnepanelen en windturbines nodig om die enorme hoeveelheden op te vangen.

Die komen er niet zomaar. Zonnepanelen krijgen geen steun meer. Daarom worden ze veel minder geplaatst dan tijdens de 'zotte jaren', toen kwistig met groenestroomcertificaten werd gestrooid. Plannen voor windparken zijn er genoeg, maar voor elke windturbine die effectief wordt gebouwd, zitten er vijf te wachten op de uitkomst van beroepsprocedures van ontevreden buurtbewoners. Die drempels wegwerken wordt een prioriteit voor minister van Energie Bart Tommelein (Open VLD).

De grote kaap wordt 2025. Tot dan lukt het misschien met wat kunst- en vliegwerk. In de periode 2023-2025 sluiten alle Belgische kernreactoren de deuren. Door de vele technische en andere problemen van Doel en Tihange en de onzekerheden rond het kernafval heeft kernenergie veel van haar pluimen verloren. Maar de twee kerncentrales met zeven reactoren leveren ruwweg de helft van de Belgische elektriciteitsproductie, zonder dat een gram CO2 uit een schoorsteen komt.

Zware prijs

Een sluiting van Doel en Tihange in tien jaar opvangen met groene energie is onmogelijk. In de meeste scenario's wordt de nucleaire productie opgevangen door extra stroom uit aardgascentrales. Aardgas is de schoonste van de fossiele brandstoffen, maar bij de verbranding komt CO2 vrij. Kernenergie vervangen door aardgascentrales heeft een zware milieuprijs: veel meer CO2 uitstoot.

Dat moet elders gecompenseerd worden, ofwel moeten we tijdelijk aanvaarden dat de doelstellingen niet gehaald worden. Of kiezen we ervoor enkele oude kernreactoren langer te laten draaien? Nieuwe kernreactoren lijken door de astronomisch hoge kostprijs en de enorme risico's geen optie, leert het Britse voorbeeld van het nieuwe project Hinkely Point. Of moeten we hopen op doorbraken met geothermie of waterstof?

Er zijn zware investeringen nodig in nieuwe productiemiddelen en in de energienetten. Die kosten komen hoe dan ook bij de consument terecht. Een lichtpuntje is misschien dat gezinnen en bedrijven door hogere tarieven meer geneigd zullen zijn te investeren in energiebesparende technologie om de factuur te drukken.

Om de klimaatdoelstellingen te halen moet ook zwaar worden ingegrepen voor de fossiele brandstoffen die buiten de stroomproductie gebruikt worden. Het zal na 2020 steeds minder vanzelfsprekend zijn om een huis te verwarmen met stookolie en om een wagen met een grote dieselmotor te kopen. Overheden zullen niet anders kunnen dan die iconen van het fossiele tijdperk met extra taksen de markt uit te drukken. Gascondensatieketels en voertuigen die op aardgas rijden, zijn milieuvriendelijkere alternatieven. Maar ook die zullen plaats moeten ruimen voor warmtepompen en wagens die op elektriciteit of waterstof rijden.

TO DO

Fossiele brandstoffen bestraffen

Steenkool staat op de zwarte lijst. Olie zal snel volgen. En op termijn zal ook aardgas een energiebron zijn die we liever onder de grond laten zitten.

Energietarieven verhogen

De zware investeringen in nieuwe productie, netinfrastructuur, digitale meetinstrumenten en energieopslag zullen miljarden kosten. Hogere tarieven lijken onvermijdelijk.

Meer windmolens installeren 

Met zonnepanelen alleen halen we de doelstellingen niet. Zeker niet als biomassa wordt uitgesloten. Er zullen nog meer windmolens in het landschap opduiken.

Stroomconsumptie verschuiven

We zullen ons verbruik meer moeten afstemmen op het weer: als zonnepanelen en windparken veel produceren. Gelukkig zullen apps dat voor ons regelen.

Of toch kernenergie?

Het wordt een uitdaging om de volledige nucleaire productie tegen 2025 te vervangen. Gaan we toch nog even voort op het nucleaire pad?

PRIJZEN GROENE ENERGIE IN VRIJE VAL

De prijzen voor zonnedaken en windparken blijven nieuwe laagterecords neerzetten. Vooral bij internationale aanbestedingen voor grote industriële installaties wordt de lat steeds lager gelegd. Kilowatturen uit zonnepanelen en windturbines zijn goedkoper dan heel wat centrales die op fossiele brandstoffen draaien. Bij een aanbesteding voor het Nederlandse offshore windpark Borssele dook de prijs naar 72,70 euro/MWh.

Voor wind op land wordt in Marokko 27,60 euro/MWh betaald. Bij een zonnepark in Abu Dhabi wordt stroom aan 21,90 euro/MWh geproduceerd. Ter vergelijking: de groothandelsprijs voor stroom in Europa schommelde vorig jaar rond 50 euro/MWh. De nieuwe Britse kerncentrale heeft 105 euro nodig om uit de kosten te komen.

 

Voor het eerst kon in 2015 meer energie worden opgewekt met duurzame bronnen als windmolens en zonnepanelen, dan met kolen.

Vorig jaar was een recordjaar voor duurzame energiebronnen 2015, becijferde het Internationaal Energie Agentschap (IAE) in Parijs. Van de nieuwe capaciteit op de stroommarkt wereldwijd was iets meer dan de helft afkomstig van hernieuwbare bronnen, vooral zonne- en windenergie.

China was de grootste aanjager van duurzame energie, het land plaatste vorig jaar twee windmolens per uur. Daarnaast werden er elke dag wereldwijd 500.000 zonnepanelen geïnstalleerd. De groei van duurzame energie was daarmee vorig jaar groter dan die van steen- en bruinkool, dat in 2014 nog de meeste nieuwe opwek capaciteit leverde op de stroommarkt.

IAE blijft kritisch

Dat komt volgens het IAE omdat er vanuit verschillende overheden flink geïnvesteerd werd in groene energie, wat wereldwijd heeft geleid tot een sterke groei in duurzame energiebronnen. Niet alleen China, maar ook de VS, India en Mexico zetten er vol op in. Vorig jaar kwam er zo 153 gigawatt duurzame energiecapaciteit bij of evenveel als de totale capaciteit van een land als Canada.

Let wel, dat betekent niet dat er in 2015 met die hernieuwbare energiebronnen wereldwijd ook daadwerkelijk meer groene energie werd opgewekt. Op dat vlak blijven kolen voorlopig nog steeds de nummer één. Windmolenparken en zonnepanelen zijn nu eenmaal afhankelijk van de weersomstandigheden en kunnen niet altijd op volle capaciteit draaien. Kolencentrales wel, waardoor ze ondanks een lagere capaciteit over een volledig jaar toch vaak meer energie opwekken.

Kantelpunt

Daarom blijft het IAE in zijn rapport kritisch. Ondanks de groei moet op de langere termijn meer worden gedaan opdat de opwarming van de aarde ruim onder 2 graden Celsius blijft, de doelstelling van het vorig jaar in Parijs gesloten klimaatakkoord. Het opwekken van elektriciteit door groene energiebronnen ligt op schema, maar dat geldt niet voor de sectoren transport of verwarming, waarschuwt het Parijse instituut.

Toch is er volgens het IAE sprake van een belangrijk kantelpunt. 'We beleven een transformatie van de wereldwijde energiemarkt, geleid door duurzame energie', zegt IAE-directeur Fatih Birol tegen de Financial Times.

De voorbije jaren daalden de gemiddelde installatiekosten van een windmolenpark met 30 procent en die van zonnepanelen zelfs met twee derde.

Volgens het IAE is de vrije val van de kosten bovendien nog lang niet ten einde. Voor de komende vijf jaar verwacht het in Parijs gevestigde instituut dat de kosten van zonnepanelen met een kwart zullen dalen en van windenergie op land met 15 procent.

Kwart van alle energie

Hernieuwbare energie heeft volgens het IAE dan ook een mooie toekomst. In 2021 zal het aandeel duurzame energiebronnen gegroeid zijn van 23 naar 28 procent, verwacht het agentschap. Dan zullen windmolens en zonnepanelen naar verwachting de hoeveelheid energie kunnen opleveren die de VS en de EU op dit moment samen opwekken.